woensdag 24 juli 2013

Reisverslag Languedoc: Carcasonne en Lac du Salagou juli 2013


Zaterdag 29/06.
Eerst Tanya ’s ochtends vroeg in Zaventem droppen voor haar vlucht naar Nepal, waar ze in Kathmandu 4 weken met arme weeskindjes zal werken en Engels geven aan meisjes in een Boeddhistenklooster als vrijwilligerswerk. Dan rijden we  door naar Charleroi waar we heel wat tijd moeten zoek maken voor onze vlucht aan de beurt is. Altijd ellendig, dat tijd doden op luchthavens. Na landing in Carcasonne meteen ons huurwagentje ophalen en kort daarna zijn we al in ons gîte te Cavanac vlakbij. Een schattig chaletje in een pijnboombosje tussen de wijngaarden. We trekken meteen naar onze vrienden Stefaan en Ariane waar we hartelijk verwelkomd worden in hun “doening” die ze zich recent aanschaften. Een supergrote ex-B&B met een enorme tuin. Gloednieuw prachtig gebouw met reuzenruimtes, alle comfort en faciliteiten erop en eraan.. Weg van alles, helemaal privé en toch vlakbij Carcasonne met vooral een onbezoedeld schitterend uitzicht. We beleven een heerlijke avond waarbij het barbecuevlees ons om de oren vliegt (inside joke) en besluiten in een van de gastenkamers te overnachten.

Zondag 30/06.
De volgende ochtend zijn we kattelam en we besluiten vandaag vooral niks te doen. In een lokaal winkeltje kopen we net voldoende om de eerste dag door te komen. Ik kokkerel wat, we siësten, dolce far niente.

Maandag 1/07.
We trekken naar de Katharenstad, eerst de benedenstad Bastide Saint-Louis en dan in de zon de Cité op. Zon jawel. Want de eerste 2 dagen bleek het weer niet je dat. We verdelen de oude vestingstad in twee en doen de kant van de basiliek. We terrassen op het drukke, gezellige Place Marcou en gaan dan in een lommerrijke terrastuin dé lokale specialiteit waar ik zo dol op ben, degusteren: salade de gésiers en een koninklijke cassoulet. Na de middag vinden we met moeite de Hypermarché Casino waar we voorraden, water, drank en Zuid-Franse ingrediënten inkopen. Zonnen, zwemmetje. Wel vervelend zwembad. Blijkbaar moet nu in Frankrijk elk zwembad beveiligd zijn tegen “per ongeluk erin vallen”. Het alarmsysteem moet daarvoor telkens ontsleuteld worden. Maar het werkt niet altijd. Vervelend als je erin duikt en dat alarm begint te loeien… wat enkele malen gebeurt. Hapjes met de wijn van het landgoed. Het vakantiegevoel is er eindelijk.



Dinsdag 2/07.
De ochtendlijke croissants haal ik op 700 m in het enige, bijna niet te vinden piepklein epicerietje dat haast niks heeft. Qua groenten b.v. enkel uien en knoflook... Aandoenlijk. We besluiten een boottocht te maken op de Canal du Midi. Deze ervaring wekt bij mij de goesting op om eens een boot te huren en voor lange tijd ergens  zo’n lange kanaalvaart te doen. Langs het rustgevende met platanen omzoomde water, even die meer dan 60 sluisjes doen, en zalig relaxerend genieten van het ritme. Sommige huurboten hier bevatten tot 6 fietsen en meestal alle comfort. Toekomstplannen. Het is echter winderig en killig. Languedoc in juli en slechts 18°? Klimaatopwarming mijn, ahum r***. Na dat al hele jaar povere weer…
Enfin, we lunchen licht en vestigen dan het wereldrecord siësten, van 15 uur tot 19.30 uur! We gaan eten in ons dorpje dat dus letterlijk niks heeft buiten dat tja winkeltje en een coiffeuse, maar wel een château met een enorm restaurant en een zeer ruim keuzemenu van 45€ wijn en all in. Vrij lekker maar wel flauwe wijn (van hun eigen domein), vandaar allicht….

Woensdag 3/07.
Nog altijd slecht weer. En alsof de vermoeidheid nu pas echt van ons valt, doen we de hele dag niks, komen zelfs niet buiten. Tijdens mijn ontbijtzoektocht vind ik heerlijke campagnardeworsten die ik op de BBQ later omtover tot quasi-delicatessen met eigengemaakte ai oei li ! (aioli). Bij het bestellen van de worst zegt de man: “Il n’y a pas de soucis.” Hoe zo? Il n’y a pas de saucisses? Net voldoende warm om toch buiten te eten, daarna niksen, dutten, siësten, luieren, amai.

Donderdag 4/07.
Tijd voor actie. Ik stippelde een autotrip uit die hier en daar de Canal kruist. Trèbes, Rieux-Minervois en uiteindelijk Caunes-Minervois met zijn mooie abdij en een paar km verder het idyllische Notre Dame du Cros, een kapel naast een kabelende beek, mooie falaisen en een prachtige groene setting. We kopen ergens een vaasje in het rode marmer van hier, dat ook gebruikt werd bij o.m. de bouw van Versailles, Opéra de Paris tot de St-Pietersbasiliek van Rome toe. In het jachthaventje van Trèbes in een bocht van de Canal zijn er uitnodigende terrasjes, maar we eten gegrilde  vis ergens binnen (te fris) voor een prikje. We passeren het Truffeldorp, jammer dat het geen seizoen is, om eens terug wat verder te lezen en te rommelen.

Vrijdag 5/07.
 Vroeg op weg naar Lagrasse, zo’n “un des plus beaux villages de France”.

Ik koos een binnenweg door de heuvels langs smalle, soms gevaarlijke bergpassen, kronkelend maar vol mooie uitzichten. Lagrasse is een verstild dorp, zo’n postkaartfotoplek en we schieten dan ook volop dergelijke beelden. Oude bruggetjes over lege riviertjes, rustiek, erg rustig, er is  bijna niemand. Dan wordt het tijd om Carcasonne deel 2 te doen.
Dit uitgepuurde middeleeuwse Unesco-erfgoed is ergens best vergelijkbaar met Brugge. Toch valt het als toeristenstad nog mee met de drukte voor begin juli. Eigenlijk overal in de streek dus… Al blijft Brugge een echte  leefbare, bruisende stad en kreeg het vroeger het verwijt een Bokrijk of Disneyland te zijn of te worden. Dat klopt niet. Maar eerlijk is eerlijk, hier is dit anders. Nauwelijks echte inwoners in de historische kern, de meesten komen dus naar het “quasi-atttractiepark” werken.
We dompelen ons onder met het bezoek van het kasteel, een echte burcht uit de boekjes die een boeiende gevarieerde geschiedenis kent.. Er wordt een opvallend knap gemaakte en meeslepende audiovisuele presentatie getoond op dubbelscherm. Dat vertelt in 12 minuten op een zeer infotainende en toch interessante manier alles wat je moet weten. Perfect voor elk publiek. Zoiets hebben we nog tekort in Brugge en het is jammer dat het Historium deze invalshoek niet inhoudelijk beter bespeeld i.p.v. van hun keuze voor een fictieverhaal. Dan verder slenteren in straatjes, terrassen. Fotootje. Een echte ochtend voor de Homo Turisticus.

Violène, het meisje aan de deur, overtuigt ons haar restaurant Auberge des Musées binnen te stappen. In de binnentuin wil men ons enkel een tafeltje voor twee bezorgen die of in de zon zitten of een verdomhoekje lijken. Een tafel van vier kan niet. Het is 13.15 u. en het is er maar halfvol. We dringen aan en het personeel behandelt ons uitermate kort en onvriendelijk. Dan maar weer weg. Violène vangt ons op en plaatst ons aan een leuke tafel voor vier wat voor spanningen zorgt tussen het personeel. Nadien hebben we de hele tijd het gevoel dat we “gestraft” worden. We worden geïgnoreerd en mijn schotel nochtans van het dagmenu, de huisspecialiteit cassoulet natuurlijk, komt 15 minuten nadat Nella haar hoofdgerecht al op had. Naderhand bleken de helft van de tafels nooit bezet… Ook hun vestimentaire outfit vind ik minnetjes. Bedienen in je casual kledij is hier overal de gewoonte maar laat het smart casual zijn i.p.v. landlopercasual of een uniformshirtje, waarom niet. Voor het eerst zal ik een vlammende tripadvisor-recensie schrijven. Kijk, dit is wat gebeurt als toeristen “vanzelfsprekend” worden. Een gevaar dat ook de hospitality in bepaalde gelegenheden in Brugge bedreigd en op termijn de reputatie van een stad. Brugge bewaak uw onthaalkwaliteit en behandelingen van toeristen. Het blijven gasten die respect verdienen.
Als ik de parking wil uitrijden weigert de automaat mijn ticket. Als ik bij de parkeerdienst beland, bemerk ik dat ik voortdurend probeerde met het ticket van Q-Park Charleroi. Ahum.
Een avondlijke zonsondergang verdrinkend in de wijngaarden. Morgen verlaten we l’Aude voor l’Herault, toch een kleine 2 uur rijden.

Zaterdag 6/07.
De afrekening loopt vlot. We consumeerden hun eigen wijnen, olijfolie, confituur…
Ik rijd eerst door de Minervoisstreek naar Béziers. Het is heet. Er is een reuzenrommelmarkt. Als lunchtussenstop gaan we voor de schandalig goedkope fruits de merschotels op een terrasrestaurant langsheen een soort derderangsramblas. Reuzenoesters en -crevetten en 6 andere schelpdieren. Je kan hier een enorme pot mosselen-friet eten op 5 wijzen (o.m. met roquefort uit de streek) voor slechts 9,9€. Hallo België! De portie is enorm en de mosselen best groot en overweldigend ruikend. Nog maar eens valt op hoeveel goedkoper restaurants zijn vergeleken met ons land, uitgenomen de bieren met soms weinig keuze… maar we zitten in de grootste wijnstreek, dus…
Na een mooi uitzicht over de Pont Vieux en de stad met kathedraal erboven torend, op weg naar Liausson, ons gehucht bij Clermont-l’Herault, dat uitziet over het heel bijzondere Lac du Salagou. Turkoois water, kalkplateauheuvels vol garrigue met bruine strepen van de ruffe, rode aarde door ijzeroxidatie. Een merkwaardige plek. Onze gîte is een pareltje. Dat het supercomfortabel is en alles heeft is zeker meegenomen maar we hebben een privéterras met uniek zicht op het meer en dat is fantastisch natuurlijk. De hele omgeving is ook knalproper en naar ons verblijfje is het door lommerrijke bossen vol kermeseikjes en goed onderhouden straten. We zitten dan ook in het natuurpark van de Cevennes. Voor commerces moeten we wel telkens naar Clermont (7 km). We gaan snel inkopen doen, vooral dranken, fruit en groenten. En tanken. Dorst! Ik smeek Nella ergens een blik koud bier te vinden. Ze komt terug met een citroendrankje dat lijkt op bier… Dan volgt de welkom door de eigenaars met verse eitjes en 2 flessen wijn. De gîte is aangebouwd aan hun zeer charmant mooi verblijf. Zo’n huis waarvan je zou dromen als je een stek in Zuid-Frankrijk wil. Aangenaam, licht, nee, geen gerenoveerde fermette. We installeren ons, maar wat is het opeens heet geworden, 38° aub. Hoezeer ik dat voorheen al meemaakte, de volgende dagen wordt koelte zoeken toch een hoofdthema. Luiken dicht, ontelbare koude douches, soms gewoon binnenblijven. En ik die boos word als mensen, van zodra het eindelijk wat warmer wordt, al meteen beginnen klagen dat het té is.

Zondag 7/07.
Broodhalen is een halfuurtje weg zijn. We doen een minitrip langs Villeneuvette, charmant, en dan de attractie van de streek le Cirque de Mourèze, een keteldal met zijn vele grillig gevormde rotschaossen uit dolomietsteen.

Even wordt het klimmen, ploeteren, puffen. Vandaag weer 38°. Geen idee waarom de eigenares ons gisteren nog een donsdeken gaf. Maar we genieten. Lag bij de eerste week de nadruk eerder op cultuur dan staat de tweede in het teken van de natuur. We eindigen op een minizondagsmarktje in Sarcasc en tanken vloeistof in het enige volkscafé. Met vlees voor de BBQ , 5 groenten van de boer, geen 2€, huiswaarts via heerlijke zichten op de Lac en roodbruine rotsformaties waar verliefden met witte keien overal namen en boodschappen op nalieten.
Avondbarbecue met varkenshaasje en contorni op ons nagloeiend terras en dan opeens zijn daar een paar druppels, lekker, niks van aantrekken. Maar dan breekt het toch los, we hadden net zowat gedaan met eten. Onweer, regen en later als het donker is, staan we onder het afdak ademloos in bloot bovenlijf te genieten van de ozon en de zuurstof in de lucht kijkend naar een symfonie van kletterende donder en bliksems die als steekvlammen het meeroppervlak in vuur lijken te zetten. Het koelt wat af, wat welkom is. Tegenzijde is dat alle vliegen, motten en hun vriendjes uit de buurt nu bij ons wonen. Tabletje tegen muggen maar het gezoem leidt tot opstootjes bij deze jongen. Dat de constant bij ons vertoevende lapjeskat die nu eens allemaal kon vangen hé. Nop.

Maandag 8/07.
Parapentedag! Maar help, ik voel me niet echt lekker. Overvloedige diarree en zo slap als een vod.

De ochtend gaat verloren. Maar de al maanden gemaakte afspraak op Pic de Vissou gaat door om 16.00 uur.
De wind uit het zuiden is ideaal en sterk genoeg en de warmte dusdanig dat ik kan zweven boven de heuvels in T-shirt. Geen honger, dan maar met lege maag op weg, het is niet ver, wat zoeken en tenslotte 2 km langs een hobbelige stoffige puttenpiste, een uitdaging voor ons goedkoop huurchevroletje. Alles onder een verzengende, loden zon. Volgende keer toch een auto met airco en een die geen roofbouw pleegt op mijn, om medelijden smekende, rug na elke rit...
Halfuurtje te vroeg en nergens schaduw. Patrick arriveert gelukkig op tijd en we beginnen eraan. Ai, we moeten klauterend afdalen naar het startveld en Nella is daar niet op voorzien, zeker niet qua schoeisel, een benauwelijk moment want ze wil het opstijgen meemaken en fotograferen natuurlijk.. Maar ze redt het en een collega van Patrick zal haar weer naar boven begeleiden. In een zucht zijn we weg op de perfect, ideale zuidenwind. Ik zie zwevend boven de hoogste pieken, zelfs Sète en zijn lagune en de kust van de Middellandse Zee, toch op 50 km. Ik geniet weer volop. Ja echt, geluk en totale vrijheid is … eens goed van de grond gaan. Lol. (Op de foto: stipje beneden tussen mijn benen = Nella)

Dinsdag 9/07.
We vertrekken naar St-Guilhem-le-Désert, nog een plus beau village.

Eerst bezoeken we de Pont du Diable waar een leuke duivelse legende aan vastzit en dan langs les Gorges de L’Herault, riveropwaarts naar het dorp. We betrappen ons erop dat dit de vakantie is van de foto’s op of voor mooie bruggen met achtergrond. Guilhem, lokaal dialect voor Guillaume, Wim dus in ’t Nederlands, een neef van Karel De Grote die in de streek veel betekende. Het mooi bebloemde dorp is eigenlijk één smalle klimmende straat met boven de romaanse Abbaye de Gellone  en een leuk plein. Nog niet veel zag ik zoveel romaanse gebouwen die getuigen van de echt vroege middeleeuwen nog van voor het feodalisme. Eens terug gaan we in Clermont aan de centrale Allée in Le Tournesol, door iedereen aangeraden, een tweegangen-dagschotel eten voor slechts 13€.
Later gaan we even zwemmen en zonnen in onze stek. De eigenaars zijn weg voor familiale perikelen en we praten met hun vriend, Alain uit … Merchtem die op het huis past. Ze zijn al tientallen jaren bevriend geraakt en leerden elkaar kennen in... Damascus (Syrië).

Woensdag 10/07.
Marktdag in Clermont, een van de oudste van Frankrijk en de moeite, druk en gezellig langsheen de oude straten en halfpleinen van het oude stadscentrum. Als espadrillefan koop ik me een paar echte lederen voor 15€ al lijk ik er later wel erg grote voeten mee te hebben. Nella op zoek naar een superlicht zomerjurkje koopt een snoezig rokje. Dan terrassen en observeren van de va et vient van zovele mensen in vestimentaire niemendalletjes. Lokalen en toeristen haal je niet uit elkaar, sandalen, shorts en een shirt of iets negligé. Eerst nog een biertje. Bij grote dorst toch altijd uitkijkend voor Belgische bieren. In de Estaminet de Commerce schenken ze zelfs Grimbergen blanche en blond van het vat. En ABinbev is gelukkig overal aanwezig want sommige Franse pilsen zijn te doen (1666), maar als ze enkel Heineken hebben, ga ik toch weg. Maar bij het eten wordt het uiteraard streekwijn en hier dus vooral rosé. We ronden af, waarom niet, met een gelukkig gereserveerde plek op het bomvolle terras van Le Tournesol.

Opvallend het gratis karafje water dat je in Frankrijk altijd kreeg aan tafel is overal aan het verdwijnen. Jammer. Je moet er nu echt zelf om vragen.

Ik die altijd op zoek ben naar de lokale keuken, bestel wat ik anders een zwaktebod vind: entrecôte maar ik doe het voor de roquefortsaus. Deze kaas werd in deze streken uitgevonden. U kent het verhaal van de herder en zijn vergeten kaas in de grot wel. Na de salade perigourdine voel ik a.h.w. de cholesterol in hun handjes klappen maar goed, deze reis aten we toch vooral licht en gezond. Eens terug geeft  Nella een impressie van de Venus van Botticelli en ik van een Griekse krijgsheer die ten strijde wil trekken.
We krijgen ook nieuwtjes van ons Nepalese dochter via de iPhone zoals “Tanya- mosquito’s 0-16”. Hier is het “vliegen - Wim & Nella 16-0” maar ik voer een forcing.  Dra is de stand 20-5.

Donderdag 11/07.
We willen zee zien. Op naar Sète waar we langs Bouzigues (oestervelden) en de Etang de Thau de vissershaven en het centrum doorkruisen om uiteraard weer te belanden achter een enorme portie fruits de mer met een halve krab en halve kreeft voor nauwelijks 50€ beiden, met aioli, toastjes en een fris witje. Uitgezocht uit de tientallen visrestaurants langs de kade. Overal heben de terrassen van die heerlijk automatische benevelaars en democratische prijzen voor vele soorten verse vis en bouillabaisses. Wat me weer opvalt is hoe kinderen geconditioneerd worden. Kindermenu’s blijken in Europa overal hetzelfde: spaghetti, kip met friet of pizza. Zo kweek je slechte eenzijdige gewoontes. Een kwartetje gaat de terrasjes rond. Ik voorspel 4 nummers van hun medleyrepertoire juist (in de hele wereld overal ’t zelfde toch?): O sole mio, Nava havila, het Russische Nje kati en.. we zijn er niet ver van… het onvermijdelijke E viva Espana waar Samantha nooit een frank aan verdiende.
Vrijdag 12/07.

Laatste dag. Ik sta vroeg op en bestijg het klimwandelpad vlakbij van 7 km dat me tot op de Pic de Liausson moet brengen met uiteraard een schitterend zicht over de Lac du Salagou. Die kleine drie uur klauteren, niet meer gewoon, puf puf, loonde dus, maar de afdaling onderschat ik en even ga ik op mijn rug, klauw in distels, maar goed. De dag gaat op aan onze restjes opeten en laatste dingetjes doen.

Zaterdag 13/07.
Even ziet het er naar uit dat voor de terugrit naar Carcasonne op deze piekdag we te laat vertrokken en we belandden rond Béziers in een trechterfile, maar ik kan onstnappen langs kleine wegen. Uiteindelijk eten we vistapas voor 10€, ditmaal op het terras naast de Canalbocht van Trèbes met haventje en mooie boten lekker buiten. Dan huurwagen indienen , we deden toch bijna 1 000 km. Voor slechts 300€ all in. Vlotte terugreis. Om 21 uur zijn we thuis.